ECLI:NL:GHAMS:2000:AA9108
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Schaap
- Kwantes
- Van Loon
- Rechtspraak.nl
Vaststelling goodwill bij inbreng v.o.f.-aandeel in BV volgens winstverwachting en arbeidsbeloning
Belanghebbende bracht zijn aandeel in een vennootschap onder firma (v.o.f.), een adviesbureau voor reclame en marketing, in een besloten vennootschap (BV) in. In geschil was de hoogte van de zakelijke goodwill die bij deze overdracht moest worden vastgesteld volgens artikel 20i, eerste lid, van de Wet op de inkomstenbelasting 1964.
Het Hof sloot aan bij de methode van goodwillbepaling op basis van genormaliseerde winst, verminderd met een passende arbeidsbeloning en een vergoeding voor het eigen vermogen, waarna de overwinst werd gekapitaliseerd met een vermenigvuldigingsfactor. Partijen waren het oneens over de genormaliseerde winstverwachting, de arbeidsbeloning en de kapitalisatiefactor.
Het Hof stelde vast dat de genormaliseerde winst het gemiddelde was van de winst over 1996 en 1997, te weten 712.500 gulden. De arbeidsbeloning werd vastgesteld op 200.000 gulden per firmant, gebaseerd op de beloning die een vergelijkbare niet-aandeelhoudende werknemer zou ontvangen. De kapitalisatiefactor werd vastgesteld op 3,5, gelet op de korte contractduur in de branche.
De goodwill werd aldus berekend op circa 1.000.000 gulden, waarvan het aandeel van belanghebbende 500.000 gulden bedroeg. Het Hof vernietigde de beschikking van de inspecteur en wees de zaak terug voor een nieuwe beschikking met inachtneming van deze vaststellingen. Tevens werd de inspecteur veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het Hof stelde de goodwill vast op basis van gemiddelde winst 1996-1997, arbeidsbeloning van 200.000 gulden per firmant en kapitalisatiefactor 3,5, vernietigde de beschikking en wees de zaak terug naar de inspecteur.