ECLI:NL:GHAMS:2000:AA9172
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Kwantes
- Rechtspraak.nl
Geschil over toerekening rekening-courantschuld aan ondernemingsvermogen voor FOR
Belanghebbende voerde beroep aan tegen een aanslag inkomstenbelasting 1996, waarbij de inspecteur het ondernemingsvermogen lager dan nihil stelde vanwege een rekening-courantschuld aan de bank. Belanghebbende stelde dat een deel van deze schuld tot het privé-vermogen behoorde, omdat privé-opnamen de winsten overtroffen en privé-middelen werden gebruikt voor aflossing.
Het hof stelde vast dat sinds 1989 de schuld steeds tot het ondernemingsvermogen werd gerekend en dat de privé-opnamen die de winsten overtroffen niet automatisch betekenen dat een deel van de schuld tot het privé-vermogen behoort. Dit is slechts mogelijk indien de schuld betrekking heeft op privé-uitgaven, wat niet is gesteld of aannemelijk gemaakt.
Ook het feit dat in latere jaren privé-middelen zijn gebruikt voor aflossing van de schuld, leidt niet tot toerekening van een deel van de schuld aan het privé-vermogen. Het hof bevestigde daarmee het standpunt van de inspecteur en verklaarde het beroep ongegrond.
De proceskosten werden niet aan belanghebbende opgelegd. De uitspraak verving de mondelinge uitspraak van 18 mei 2000 en werd vastgesteld op 30 november 2000.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en de rekening-courantschuld wordt volledig tot het ondernemingsvermogen gerekend.