ECLI:NL:GHAMS:2000:AA9178
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Van Ballegooijen
- Van der Ouderaa
- Schoemaker
- Rechtspraak.nl
Beoordeling naheffingsaanslag loonheffing en boete wegens omvangrijke fraude door rozenkwekerij
Belanghebbende exploiteerde een rozenkwekerij en hield in de jaren 1992 tot en met 1995 contante lonen buiten de loonadministratie, waardoor loonheffing niet werd ingehouden en afgedragen. De FIOD stelde een onderzoek in waaruit bleek dat er sprake was van zwarte lonen en omzet die buiten de boeken werden gehouden.
De inspecteur legde een naheffingsaanslag op van ƒ 462.013, verminderd tot ƒ 394.783 na bezwaar, met een boete van 100% van het nageheven bedrag. Belanghebbende betwistte de toepassing van het anoniementarief en tariefgroepindeling bij de berekening van de loonheffing en voerde aan dat de boete onterecht was.
Het Hof oordeelde dat voor de tarieftoepassing de situatie bij loonbetaling bepalend is en dat de inspecteur terecht het anoniementarief en tariefgroep 1 toepaste. Het beroep op een achteraf ingediende loonbelastingverklaring werd niet aannemelijk geacht. Verder werd vastgesteld dat de fraude ernstig en omvangrijk was, en dat de opgelegde boete passend en geboden is. De stelling dat de boete moest vervallen wegens strafvervolging werd verworpen omdat de wettelijke voorwaarden niet waren vervuld.
Het Hof verklaarde het beroep ongegrond en wees een veroordeling in proceskosten af. De uitspraak werd op 29 augustus 2000 uitgesproken door het Gerechtshof Amsterdam.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende tegen de naheffingsaanslag en boete wordt ongegrond verklaard en de boete van 100% wordt bevestigd.