ECLI:NL:GHAMS:2000:AA9350
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- M.J. van Ballegooijen
- J. Faase
- J.J. van Loon
- Rechtspraak.nl
Belastingrechtelijke kwalificatie van voordeel uit doorkoop onroerende zaak als inkomsten uit arbeid
Belanghebbende, een landbouwondernemer, trad op als koper van een onroerende zaak op verzoek van zijn accountant, met de afspraak dat hij deze later met winst zou doorverkopen aan de zoon van de accountant. De inspecteur had het behaalde voordeel van ƒ 75.000 als inkomen uit arbeid belast en de aanslag opgelegd naar een belastbaar inkomen van ƒ 112.601.
Belanghebbende stelde dat het beroep niet tijdig was ingediend en dat het voordeel niet als inkomsten uit arbeid maar als vermogenswinst moest worden gekwalificeerd. Het hof oordeelde dat het beroep tijdig was ingesteld, ondanks een foutieve adressering, en dat het voordeel terecht als inkomsten uit arbeid werd aangemerkt omdat belanghebbende op verzoek van de accountant handelde en beloond werd voor zijn diensten.
Daarnaast verwierp het hof het standpunt dat het voordeel in een ander boekjaar moest worden belast en stelde vast dat het voordeel niet tot de winst uit onderneming behoorde. Het hof vernietigde de uitspraak van de inspecteur, stelde de aanslag bij tot een belastbaar inkomen van ƒ 111.032 en veroordeelde de inspecteur tot vergoeding van proceskosten.
Uitkomst: Het hof verklaart het beroep gegrond, vernietigt de uitspraak van de inspecteur en vermindert de aanslag tot een belastbaar inkomen van ƒ 111.032.