ECLI:NL:GHAMS:2001:AB0101
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Van Loon
- Rechtspraak.nl
Vermindering aanslag inkomstenbelasting wegens werkkleding motorrij-instructeur
Belanghebbende was in 1997 werkzaam als motorrij-instructeur en kocht diverse motorrijkleding ter waarde van circa ƒ 3.588. De vraag was welke van deze uitgaven als aftrekbare werkkleding konden worden aangemerkt volgens de Wet op de inkomstenbelasting 1964 en de Uitvoeringsregeling inkomstenbelasting 1990.
Het Hof stelde vast dat kleding alle zaken omvat die het lichaam bedekken, waaronder ook een motorhelm en accessoires. Werkkleding is sinds 1997 gedefinieerd als kleding die uitsluitend of nagenoeg uitsluitend geschikt is om bij het verwerven van inkomsten te dragen, of voorzien is van aan de werkgever gebonden beeldmerken van minimaal 70 cm².
De helm met intercom werd niet als werkkleding aangemerkt omdat niet aannemelijk was gemaakt dat deze niet buiten het werk gedragen kon worden en er geen beeldmerken op zaten. De kevlar jas met twee beeldmerken ('gediplomeerd motorrij-instructeur' en 'KNMV') voldeed aan de voorwaarden voor werkkleding, ook al vermeldde deze niet de naam van de werkgever.
De overige kledingstukken waren niet uitsluitend geschikt voor werk en hadden geen beeldmerken, waardoor deze niet als werkkleding werden erkend. Het Hof vermindert de aanslag tot een belastbaar inkomen van ƒ 37.970 en veroordeelt de inspecteur tot vergoeding van proceskosten van ƒ 35.
Uitkomst: De aanslag inkomstenbelasting wordt verminderd tot een belastbaar inkomen van ƒ 37.970 en de inspecteur wordt veroordeeld in proceskosten.