ECLI:NL:GHAMS:2001:AB0438
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Smit
- Van Ballegooijen
- Van Loon
- Rechtspraak.nl
Geen naheffing dividendbelasting bij verkoop onroerende zaken aan gelieerde vennootschap tegen boekwaarde
Belanghebbende, een besloten vennootschap, verkocht in 1995 onroerende zaken tegen boekwaarde aan een met haar gelieerde vennootschap. De inspecteur legde een naheffingsaanslag dividendbelasting op, stellende dat sprake was van een winstuitdeling ter grootte van het verschil tussen de boekwaarde en de werkelijke waarde.
Het Hof stelde vast dat de overdracht plaatsvond tegen een lagere waarde dan de economische waarde, wat leidde tot een voordeel voor de gelieerde vennootschap. Voor de vennootschapsbelasting werd dit verschil als winstuitdeling aangemerkt, maar voor de dividendbelasting is het relevante moment waarop de feitelijke verarming plaatsvond. Het Hof bepaalde dat dit moment lag bij het sluiten van de verkoopovereenkomst op 1 november 1994.
Daarom was er geen grond voor naheffing van dividendbelasting over 1995. Het Hof verwierp de taxatie van belanghebbende wegens onbetrouwbaarheid en bevestigde de taxatie van de inspecteur. Tevens werd de inspecteur veroordeeld tot vergoeding van proceskosten aan belanghebbende.
Het geschil draaide om de waardering van de onroerende zaken, de timing van de feitelijke verarming en de toepasselijkheid van naheffing dividendbelasting. Het Hof oordeelde in het voordeel van belanghebbende en vernietigde de bestreden uitspraak en naheffingsaanslag.
Uitkomst: Geen naheffing dividendbelasting over 1995 omdat de feitelijke verarming plaatsvond bij het sluiten van de overeenkomst in 1994.