ECLI:NL:GHAMS:2001:AB2468
Gerechtshof Amsterdam
- Cassatie
- Dutmer
- Onnes
- Van der Ouderaa
- Rechtspraak.nl
Gerechtshof bevestigt navorderingsaanslag speelautomatenomzet met matiging boete en verworpen beroep op gelijkheidsbeginsel
Belanghebbende exploiteerde een café met speelautomaten en voerde de omzet daarvan niet volledig verantwoord af in haar belastingaangiften over de jaren 1993 tot en met 1996. De inspecteur legde een navorderingsaanslag op op basis van een boekenonderzoek, waarbij een significant verschil werd vastgesteld tussen de opgegeven omzet en de omzet berekend aan de hand van tellerstanden vanaf 30 mei 1996, conform het Tellerbesluit.
Belanghebbende voerde aan dat haar administratie correct was, mede omdat bij de exploitant van de automaten geen correcties waren aangebracht en dat zij niet verplicht was de tellerstanden te bewaren. Het Hof oordeelde dat de administratie onvoldoende betrouwbaar was en dat het verschil in omzet niet aannemelijk kon worden verklaard door belanghebbende. De inspecteur beschikte over een nieuw feit als bedoeld in artikel 16 Awr Pro, rechtvaardigend de navordering.
Het beroep op het gelijkheidsbeginsel werd verworpen omdat de inspecteur beleidsvrijheid heeft bij de volgorde van controles en correcties bij exploitanten en mede-exploitanten. Wel werd de correctie van de omzet naar beneden bijgesteld op basis van een redelijke schatting van de omzetgroei. De boete werd gematigd tot 25% vanwege de financiële gevolgen voor belanghebbende. Het Hof vernietigde de uitspraak van de inspecteur, matigde de aanslag en veroordeelde de inspecteur in de proceskosten.
Uitkomst: De navorderingsaanslag wordt verminderd, de boete gematigd tot 25%, het beroep op het gelijkheidsbeginsel verworpen en de inspecteur veroordeeld in de proceskosten.