ECLI:NL:GHAMS:2001:AD3405
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Bijl
- Vrouwenvelder
- Zwemmer
- Rechtspraak.nl
Bestemmingwijzigingswinst bij verkoop landbouwgrond binnen zes jaar
Belanghebbende en zijn broer verkochten in december 1995 een perceel landbouwgrond met tuinderschuur aan de gemeente Z voor een bedrag van 1.000.000 gulden. De inspecteur stelde de bestemmingswijzigingswinst vast op 685.000 gulden, waarvan de helft aan belanghebbende werd toegerekend. Belanghebbende voerde aan dat de landbouwvrijstelling van toepassing was omdat de grond nog minimaal zes jaar agrarisch zou worden gebruikt.
Het geschil betrof de vraag of op het moment van verkoop een redelijke kans bestond dat de grond binnen zes jaar geheel of gedeeltelijk buiten de agrarische bestemming zou worden aangewend. Het Hof onderzocht het gemeentelijk structuurplan, provinciale bouwplannen en raadsbesluiten, waaruit bleek dat de gemeente de voorkeur gaf aan woningbouw op de locatie van de verkochte grond binnen de termijn van zes jaar.
Hoewel er onzekerheden waren over de exacte bouwvolumes en timing, concludeerde het Hof dat objectief bezien een redelijke kans bestond dat de grond binnen zes jaar zou worden bebouwd. De afwezigheid van een beding voor voortgezet agrarisch gebruik in de koopovereenkomst werd meegewogen. Het beroep van belanghebbende werd ongegrond verklaard en de aanslag gehandhaafd.
De uitspraak benadrukt het belang van de objectieve beoordeling van toekomstige bestemmingswijzigingen en de toepassing van de landbouwvrijstelling binnen de fiscale regelgeving.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende wordt ongegrond verklaard en de aanslag gehandhaafd.