ECLI:NL:GHAMS:2001:AD3867
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Coeterier
- Van Zandwijk-Hillebrands
- Rodenburg
- Rechtspraak.nl
Hof vernietigt vonnis en wijst vorderingen WE Netherlands af in merkenrechtzaak tegen HMG
WE Netherlands exploiteert circa 140 modewinkels onder de naam WE en is houder van het woordmerk WE en andere merken. HMG, na uittreding van Vereniging Veronica, koos voor haar nieuwe omroepstation de naam ME en deponeerde dit als woord- en beeldmerk. WE Netherlands sommeerde HMG het gebruik van ME te staken wegens merkinbreuk.
De president van de rechtbank wees de vorderingen van WE Netherlands grotendeels toe op grond van verwatering van het merk WE door het gebruik van ME. HMG ging in hoger beroep en voerde onder meer aan dat het gebruik van ME beperkt blijft tot een thematisch televisiekanaal, waardoor de intensieve merkverwatering niet zal optreden.
Het hof oordeelde dat het onderscheidend vermogen van WE niet voldoende wordt aangetast door het gebruik van ME voor een thematisch kanaal en dat de doelgroepen niet wezenlijk overlappen. Ook was onvoldoende onderbouwd dat HMG ongerechtvaardigd voordeel zou trekken of de reputatie van WE zou schaden. De overige grieven van WE Netherlands faalden eveneens. Het hof vernietigde het vonnis en wees de vorderingen van WE Netherlands af, met veroordeling in de proceskosten.
Uitkomst: Het hof vernietigt het vonnis en wijst de vorderingen van WE Netherlands af.