ECLI:NL:GHAMS:2001:AD4826
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Faase
- Rechtspraak.nl
Gerechtshof verlaagt verzuimboete wegens ongevraagd ontvangen voorlopige teruggaaf
Belanghebbende diende de aangifte inkomstenbelasting over 1999 niet tijdig in, waarop de inspecteur een verzuimboete van ƒ 1.250 oplegde. Belanghebbende stelde dat de boete te hoog was omdat zij ongevraagd een voorlopige teruggaaf had ontvangen en door het huwelijk de hypotheekrente volledig ten laste van haar echtgenoot kwam.
Het hof oordeelde dat de benadeling van de fiscus mede het gevolg was van het initiatief van de inspecteur door het opleggen van een negatieve voorlopige aanslag. Hierdoor zou zonder deze voorlopige aanslag de definitieve aanslag op nihil of negatief zijn vastgesteld, waardoor de strafwaardigheid minder was.
Het hof achtte een lagere boete passend en verlaagde deze tot ƒ 250. Tevens veroordeelde het hof de inspecteur in de proceskosten van belanghebbende en gelastte de Staat het griffierecht te vergoeden. De uitspraak werd op 5 september 2001 gedaan door het Gerechtshof Amsterdam.
Uitkomst: De verzuimboete wordt verlaagd van ƒ 1.250 naar ƒ 250 vanwege medeoorzaak door ongevraagd ontvangen voorlopige teruggaaf.