ECLI:NL:GHAMS:2001:AD6110
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Van der Ouderaa
- Goes
- Kooijman
- Rechtspraak.nl
Gerechtshof bevestigt uitdeling winst bij verkoop economische eigendom panden aan aandeelhouder en matigt verhoging dividendbelasting
Belanghebbende, een Nederlandse besloten vennootschap, kocht in 1993 van haar in België wonende enig aandeelhouder C de economische eigendom van twee panden te Q. De inspecteur stelde na een boekenonderzoek vast dat de koopsommen onzakelijk waren vastgesteld, waardoor sprake was van een onttrekking aan het vermogen van belanghebbende en daarmee een uitdeling van winst. De inspecteur legde een naheffingsaanslag dividendbelasting op met een verhoging.
Belanghebbende voerde aan dat de waardedrukkende factoren, zoals het persoonlijk recht van gebruik van G op het pand b-weg en het recht van bewoning van E en haar zoon op het pand a-weg, de prijs niet negatief beïnvloedden omdat deze panden bij verkoop vrij konden worden opgeleverd. Het Hof oordeelde echter dat deze rechten wel degelijk een waardedrukkende factor vormden die niet in de overeengekomen prijzen waren verwerkt.
Het Hof achtte aannemelijk dat belanghebbende en haar aandeelhouder zich bewust waren van de onzakelijke prijzen en de daarmee gepaard gaande onttrekking aan het vermogen, wat een uitdeling van winst opleverde. De inspecteur mocht daarom een verhoging opleggen wegens grove schuld, maar matigde deze tot 25% vanwege onvoldoende bewijs van opzet. Tevens werd belanghebbende in de proceskosten veroordeeld.
Uitkomst: Het Hof verklaart het beroep gedeeltelijk gegrond, vermindert de aanslag en matigt de verhoging tot 25%.