ECLI:NL:GHAMS:2001:AD7683
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- J. Schaap
- P. Van Loon
- H. Van Maanen
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke toetsing van legesnota bouwvergunning wegens redelijkheid en evenredigheid
Belanghebbende, een marketing- en managementadviesbureau, had bij de gemeente A een bouwvergunning aangevraagd voor een opleidingsinstituut met bouwkosten van ruim ƒ 32 miljoen. De gemeente legde leges op van ƒ 504.915,25, welke belanghebbende betwistte via bezwaar en beroep.
Het Hof oordeelt dat belanghebbende ontvankelijk is in haar bezwaar, mede omdat de gemachtigde bevoegd was dit namens haar in te dienen. Vervolgens wordt beoordeeld of de legesverordening in strijd is met artikel 229b van de Gemeentewet, dat een redelijke verhouding tussen baten en lasten vereist. Uit de beheersbegroting blijkt dat de geraamde legesopbrengsten lager zijn dan de geraamde lasten, en dat ook de gerealiseerde opbrengsten de lasten niet overschrijden.
Belanghebbende stelde dat de leges in absolute zin niet in verhouding staan tot de administratieve kosten, maar het Hof volgt de jurisprudentie dat geen rechtstreeks verband vereist is tussen legeshoogte en omvang van de verleende dienst. Daarom wordt het beroep ongegrond verklaard. Proceskosten worden niet toegewezen vanwege het ontbreken van bijzondere omstandigheden.
Uitkomst: Het beroep tegen de legesnota wordt ongegrond verklaard en de legesnota wordt gehandhaafd.