ECLI:NL:GHAMS:2001:AD8303
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Van der Ouderaa
- Rechtspraak.nl
Geen aftrek werkruimtekosten voor overbruggingsuitkering volgens artikel 8b Wet inkomstenbelasting 1964
Belanghebbende, voormalig dramaturg, ontving in 1997 een overbruggingsuitkering en pensioeninkomsten. Hij wilde kosten van zijn werkruimte aftrekken op grond van artikel 8b van de Wet op de inkomstenbelasting 1964. Het Hof overweegt dat aftrek van werkruimtekosten alleen mogelijk is als de inkomsten hoofdzakelijk in of vanuit die werkruimte worden verworven. De overbruggingsuitkering wordt niet als zodanig beschouwd omdat deze niet in het jaar van aftrek verband houdt met werkzaamheden in de werkruimte.
Belanghebbende stelde dat de uitkering een voortzetting van salaris was en dat het gelijkheidsbeginsel werd geschonden. Het Hof oordeelt dat het gelijkheidsbeginsel niet wordt geschonden omdat het onderscheid in de wet objectief en redelijk gerechtvaardigd is en aansluit bij het doel van de wet om aftrek te beperken tot kosten die duidelijk verband houden met de inkomsten.
Het beroep wordt ongegrond verklaard. Het Hof ziet geen aanleiding tot kostenveroordeling. De mondelinge uitspraak is gedaan op 23 oktober 2001 en kan binnen vier weken worden vervangen door een schriftelijke uitspraak.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard; aftrek van werkruimtekosten wordt geweigerd voor de overbruggingsuitkering.