ECLI:NL:GHAMS:2001:AO1259
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.W.M. Tijnagel
- H.J. Bokhorst
- J.J.A.M. Kennis
- Rechtspraak.nl
Beoordeling navordering douanerechten wegens ontbreken schriftelijke vergunning bijzondere bestemming magnesium
Belanghebbende, een besloten vennootschap, had meerdere invoeraangiften gedaan voor magnesium metaal met aanspraak op een gunstige tariefregeling van 0% op grond van een bijzondere bestemming. De douane had deze aangiften geaccepteerd zonder douanerechten te heffen. Later bleek dat geen schriftelijke vergunning was verleend die vereist is voor toepassing van deze gunstige regeling.
Belanghebbende voerde aan dat de douane onjuiste informatie had verstrekt en dat het vertrouwensbeginsel en gelijkheidsbeginsel waren geschonden. Ook stelde zij dat het systeem (Sagitta) niet had aangegeven dat een vergunning nodig was. De inspecteur betwistte deze stellingen en wees op de verplichting van belanghebbende om zelf de regelgeving te kennen en de juiste vergunning te overleggen.
De Tariefcommissie oordeelde dat het ontbreken van een schriftelijke vergunning betekent dat belanghebbende geen aanspraak had op het 0%-tarief. De douane had geen actieve gedraging verricht die kon worden gekwalificeerd als vergissing. Het beroep op het vertrouwensbeginsel en gelijkheidsbeginsel werd verworpen omdat de voorwaarden voor navordering limitatief zijn en niet waren vervuld.
De navordering van de douanerechten werd bevestigd en de proceskosten werden niet toegewezen. De beslissing werd in raadkamer genomen en in het openbaar uitgesproken op 20 maart 2001.
Uitkomst: De navordering van douanerechten wordt bevestigd omdat geen schriftelijke vergunning was verleend.