ECLI:NL:GHAMS:2001:AO2844
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- F.H.M. Possen
- J.W.M. Tijnagel
- E.N. Punt
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid aansprakelijkstelling voor onjuiste invoerrechten door gebrek aan bewijs
Belanghebbende voerde een eenmanszaak in de handel van satellietontvangers en onderdelen en diende een aangifte in voor invoerrechten met een tariefpost die leidde tot een lager tarief dan de juiste. De inspecteur stelde belanghebbende aansprakelijk op grond van artikel 201 lid 3 CDW Pro, stellende dat hij wist of had moeten weten dat de gegevens onjuist waren.
De inspecteur baseerde zich op een strafrechtelijk onderzoek waaruit bleek dat de goederen feitelijk onder een andere tariefpost vielen met een hoger tarief. Belanghebbende voerde aan dat hij te goeder trouw was en dat de goederen onderdelen waren, geen ontvangers, en dat hij afging op de gegevens van L Duitsland.
De Tariefcommissie oordeelde dat de inspecteur niet voldoende bewijs had geleverd dat belanghebbende wist of redelijkerwijs had moeten weten dat de gegevens onjuist waren. De omschrijving op de factuur was niet bewezen onjuist en het ontbreken van bewijs over de leveringsvoorwaarde maakte aansprakelijkstelling niet gerechtvaardigd.
Daarom werd de aansprakelijkstelling vernietigd en de inspecteur veroordeeld in de proceskosten, met een vergoeding van f 1065,-- aan belanghebbende en terugbetaling van het griffierecht.
Uitkomst: De aansprakelijkstelling voor invoerrechten wordt vernietigd wegens onvoldoende bewijs dat belanghebbende wist of had moeten weten dat de gegevens onjuist waren.