ECLI:NL:GHAMS:2002:AE0245
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Bijl
- Vrouwenvelder
- Rijkels
- Rechtspraak.nl
Correctie omzet speelautomaten en navordering wegens opzet en kwade trouw
Belanghebbende exploiteerde een café-restaurant met speelautomaten en diende aangiften inkomsten- en omzetbelasting in over de jaren 1993 tot en met 1996. Na een boekenonderzoek constateerde de inspecteur een significante stijging van de omzet vanaf juni 1996, het moment waarop tellerstanden werden geregistreerd en bewaard. Belanghebbende kon deze stijging niet aannemelijk verklaren.
De inspecteur legde navorderingsaanslagen en een boete van 50% op wegens het niet juist opgeven van inkomsten uit de speelautomaten. Belanghebbende voerde aan dat de stijging te wijten was aan meer gokkers en dat navordering niet mogelijk was omdat de inspecteur bekend was met het lopende onderzoek. Het hof oordeelde dat belanghebbende opzet en kwade trouw te verwijten zijn, dat de inspecteur terecht een hogere opbrengst heeft vastgesteld en dat navordering niet wordt belemmerd door de bekendheid van de inspecteur met het feit.
De boete werd passend geacht vanwege de stelselmatige verzwijging van inkomsten. Het beroep van belanghebbende werd ongegrond verklaard, en het hof wees een veroordeling in proceskosten af wegens ontbreken van bijzondere omstandigheden.
Uitkomst: Het hof verklaart het beroep ongegrond en bevestigt navordering en boete wegens onjuiste omzetverantwoording en kwade trouw.