ECLI:NL:GHAMS:2002:AE1412
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Van Loon
- Rechtspraak.nl
Bevestiging oplegging verzuimboete voor te late belastingaangifte 1998
Belanghebbende diende haar aangifte inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen over 1998 ruim tien maanden te laat in, ondanks een aanmaning van de inspecteur. De inspecteur legde daarop een verzuimboete op van ƒ 1.250, conform het beleid uit het Besluit Bestuurlijke Boeten Belastingdienst 1998 (BBBB).
Belanghebbende voerde aan dat de boete niet in verhouding stond tot het beboete feit en verzocht om matiging tot maximaal het bedrag van de belastingaanslag van ƒ 503. Het Hof overweegt dat de ernst van het verzuim niet wordt bepaald door de hoogte van de verschuldigde belasting en dat de boete binnen de wettelijke grenzen en het beleid valt.
Omdat belanghebbende geen overige omstandigheden heeft gesteld die matiging rechtvaardigen en niet is verschenen ter zitting, ziet het Hof geen aanleiding de boete te verminderen. Het beroep wordt ongegrond verklaard en de boete bevestigd.
Uitkomst: Het beroep tegen de verzuimboete wordt ongegrond verklaard en de boete van ƒ 1.250 bevestigd.