ECLI:NL:GHAMS:2002:AE3883
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- mrs. Bijl
- mrs. Vrouwenvelder
- mrs. Beukers-Van Dooren
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen naheffingsaanslag accijns tabaksproducten over 1994-1996
Belanghebbende, houder van een vergunning voor een accijnsgoederenplaats, betwistte een naheffingsaanslag accijns over het tijdvak van 1 oktober 1994 tot en met 31 december 1996. De inspecteur had een bedrag van ƒ 1.942.100 aan accijns nageheven wegens het gebruik van accijnszegels met een lager tarief dan het geldende tarief bij uitslag van sigaretten.
Belanghebbende stelde dat zij geen accijns verschuldigd was boven het bedrag dat was betaald voor de accijnszegels en dat de naheffing in strijd was met de Europese Richtlijn 95/59/EG. Tevens voerde zij een beroep op het vertrouwensbeginsel aan, omdat de inspecteur niet had gereageerd op een brief waarin zij haar standpunt uiteenzette.
Het Hof oordeelde dat het wettelijke systeem van accijnsheffing voorschrijft dat accijns verschuldigd is op het moment van uitslag tegen het geldende tarief, verminderd met het bedrag van de accijnszegels. Dit systeem is niet in strijd met de Richtlijn, die ruimte laat voor een combinatie van heffing via accijnszegels en voldoening op aangifte.
Verder stelde het Hof vast dat het uitblijven van een reactie van de inspecteur geen rechtens beschermd vertrouwen heeft gewekt. Ook was geen overgangsregeling verplicht bij tariefsverhogingen. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en de naheffingsaanslag gehandhaafd.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende tegen de naheffingsaanslag accijns wordt ongegrond verklaard en de naheffingsaanslag gehandhaafd.