ECLI:NL:GHAMS:2002:AE4064
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Bijl
- Beukers-Van Dooren
- Van Hilten
- Rechtspraak.nl
Beoordeling verhoging BPM voor niet-schone dieselauto niet in strijd met artikel 90 EG-verdrag
Belanghebbende, exploitant van een autobedrijf, betwistte de verhoging van de belasting op personenauto's en motorrijwielen (BPM) met ƒ 2.000 voor niet-schone dieselauto's, zoals ingevoerd per 1 mei 2000. Hij stelde dat deze verhoging in strijd was met artikel 90 van Pro het EG-verdrag omdat deze een discriminerende werking zou hebben ten opzichte van LPG-auto's, die volgens hem als nationale producten moeten worden beschouwd.
Het geschil spitste zich toe op de vraag of de BPM-verhoging een verboden discriminatie inhield tussen dieselauto's en LPG-auto's, waarbij belanghebbende stelde dat LPG-installaties in Nederland worden ingebouwd en dat daardoor LPG-auto's nationale producten zijn. De inspecteur voerde aan dat LPG-auto's geen nationaal product zijn en dat de BPM-regeling geen onderscheid maakt tussen binnenlandse en buitenlandse auto's.
Het Hof oordeelde dat de BPM-verhoging gelijkelijk geldt voor binnenlandse en buitenlandse dieselauto's en dat het inbouwen van LPG-installaties in Nederland niet leidt tot het ontstaan van nationale producten. Er was geen sprake van zijdelingse bescherming of discriminatie in de zin van artikel 90 EG Pro-verdrag. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard.
Proceskosten werden niet toegewezen omdat geen bijzondere omstandigheden aanwezig waren. De uitspraak werd op 3 juni 2002 door het Hof Amsterdam gewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen de verhoging van de BPM voor niet-schone dieselauto's wordt ongegrond verklaard.