ECLI:NL:GHAMS:2002:AE4280
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Onnes
- Boersma
- Goes
- Rechtspraak.nl
Belastingrechtelijke beoordeling van overbruggingspensioen en aanslagvaststelling na echtscheiding
Belanghebbende, een voormalig beroepsvoetballer, ontving een overbruggingspensioen van het Contractspelersfonds KNVB (CFK). Na zijn echtscheiding kende hij de helft van dit pensioen toe aan zijn ex-echtgenote, die daardoor een zelfstandig recht op uitkeringen verkreeg. De inspecteur stelde aanvankelijk dat de uitkeringen aan de ex-echtgenote belastbaar waren bij belanghebbende, maar kwam hierop terug tijdens bezwaar.
Het geschil betrof enerzijds de tijdigheid van de aanslagvaststelling en anderzijds de fiscale behandeling van de uitkering aan de ex-echtgenote. Het hof oordeelde dat de aanslag tijdig was vastgesteld, mede omdat belanghebbende niet betwistte dat het aanslagbiljet tijdig ter post was bezorgd. Daarnaast werd geoordeeld dat de toekenning van de helft van het overbruggingspensioen aan de ex-echtgenote een eigen regeling betrof conform het pensioenreglement en fiscaal niet als belastbaar inkomen bij belanghebbende moest worden gerekend.
De uitkering aan de ex-echtgenote werd niet gezien als uitgesteld loon van belanghebbende, noch als alimentatie. Het hof verklaarde het beroep gegrond, vernietigde de uitspraak van de inspecteur en stelde het belastbare inkomen van belanghebbende lager vast. Proceskosten werden niet toegewezen omdat belanghebbende hier geen beroep op deed.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en de aanslag verminderd vastgesteld, waarbij de uitkering aan de ex-echtgenote niet belast wordt bij belanghebbende.