ECLI:NL:GHAMS:2002:AE7504
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Dutmer
- Van der Ouderaa
- Goes
- Rechtspraak.nl
Gerechtshof vermindert belastingboete wegens disproportionaliteit en eerdere strafrechtelijke veroordeling
Belanghebbende kreeg voor de jaren 1993 en 1994 een navorderingsaanslag opgelegd met een boete van 100% wegens onjuiste aangifte inkomstenbelasting. Deze boete werd niet kwijtgescholden door de inspecteur, waarna belanghebbende bezwaar maakte en beroep instelde bij het Gerechtshof Amsterdam.
Het Hof oordeelde dat de boete, mede bezien in het licht van een strafrechtelijke veroordeling voor hetzelfde feitencomplex in de jaren 1995 tot en met 1997, niet in een evenredige verhouding stond tot het doel van de boete. Daarnaast was sprake van een overschrijding van de redelijke termijn voor het doen van uitspraak, zonder dat dit tot volledige kwijtschelding leidde.
Daarom vernietigde het Hof het besluit van de inspecteur dat geen kwijtschelding verleende en matigde de boete met 75%. Tevens werd de inspecteur veroordeeld in de proceskosten van belanghebbende. Het Hof bevestigde de overige onderdelen van de uitspraak van de inspecteur en wees op de mogelijkheid tot cassatieberoep.
Uitkomst: Het Hof matigde de belastingboete met 75% en veroordeelde de inspecteur in de proceskosten.