ECLI:NL:GHAMS:2002:AE7837
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Onnes
- Boersma
- Goes
- Rechtspraak.nl
Geen verplichting tot toezending aanslagbiljet aan gemachtigde zonder expliciet verzoek
Belanghebbende, woonachtig in Zwitserland, maakte bezwaar tegen een aanslag inkomstenbelasting 1997. De inspecteur had het aanslagbiljet naar het feitelijke woonadres in Zwitserland gestuurd, nadat belanghebbende was verhuisd zonder dit door te geven. De gemachtigde van belanghebbende voerde aan dat verzending naar hem problemen had kunnen voorkomen, maar er was geen expliciet verzoek gedaan om het aanslagbiljet ook naar de gemachtigde te sturen.
Het hof stelde vast dat geen wettelijke verplichting bestaat om het aanslagbiljet aan een ander adres dan dat van de belastingplichtige te sturen zonder expliciet verzoek of aanwijzing van een vertegenwoordiger volgens artikel 58 Awr Pro. De enkele vermelding van een kantoorstempel of correspondentie met de gemachtigde leidt niet tot een verplichting tot toezending.
Belanghebbende had de bezwaartermijn overschreden en dit was te wijten aan zijn eigen verzuim, omdat hij het aanslagbiljet niet had ontvangen en geen binnenlands vertegenwoordiger had aangewezen. Het hof verklaarde het beroep ongegrond en wees proceskostenveroordeling af.
Uitkomst: Het hof verklaart het bezwaar van belanghebbende niet-ontvankelijk wegens overschrijding van de bezwaartermijn.