ECLI:NL:GHAMS:2002:AE9591
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep kort geding
- Rechtspraak.nl
Executie van buitenlands vermogen niet geschorst door Nederlandse schuldsaneringsregeling
In deze zaak betwist de bewindvoerder in een schuldsaneringsregeling de executie van een appartement in Spanje door een schuldeiser, X. De rechtbank Utrecht had een schuldsaneringsregeling van toepassing verklaard op Y., de schuldenaar, maar X. had beslag gelegd op het appartement in Spanje en toestemming gekregen van de Spaanse rechtbank tot executie.
De bewindvoerder vorderde in kort geding dat de executie in Spanje zou worden geschorst of gestopt, met als doel de opbrengst aan de boedel van Y. toe te wijzen. De president van de rechtbank wees deze vordering af, stellende dat de Nederlandse schuldsaneringsregeling geen schakelbepaling bevat die buitenlandse executies zou kunnen opschorten.
Het hof bevestigde deze beslissing en overwoog dat de wettelijke regeling omtrent de schuldsaneringsregeling zich beperkt tot executies binnen Nederland. De wenselijkheid van gelijke behandeling van schuldeisers kan niet leiden tot een verplichting voor een schuldeiser om buitenlandse executies te staken zonder een wettelijke grondslag.
Daarmee werd het vonnis van de president bekrachtigd en de vorderingen van de bewindvoerder afgewezen. De bewindvoerder werd veroordeeld in de proceskosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis dat de executie van het appartement in Spanje niet wordt geschorst en wijst de vordering van de bewindvoerder af.