ECLI:NL:GHAMS:2002:AF0942
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Beukers-Van Dooren
- Rechtspraak.nl
Beoordeling rentevrijstelling lening voor onderhoud en verbetering eigen woning
Belanghebbende heeft begin 1999 zijn hypothecaire lening verhoogd met ƒ 43.000, waarvan een deel is gebruikt voor boeterente en een deel daadwerkelijk is ontvangen. De kern van het geschil is of deze lening volledig is aangegaan voor onderhoud of verbetering van de eigen woning, zodat recht bestaat op rentevrijstelling.
Belanghebbende kon niet met schriftelijke bescheiden aantonen dat het geleende bedrag volledig voor dat doel is besteed. Hoewel hij stelde het resterende bedrag van ƒ 7.500 te zullen gebruiken voor renovatie van de badkamer, was dit bedrag niet afgezonderd gehouden. Het hof constateerde dat het geld deels was uitgeleend aan dochters voor studiekosten, wat een andere bestemming impliceert.
Het hof oordeelde dat alleen het deel van de lening dat daadwerkelijk is besteed of afgezonderd is voor onderhoud of verbetering in aanmerking komt voor rentevrijstelling. Omdat de rente over het litigieuze deel hoger was dan de betaalde rente, bestaat geen recht op rentevrijstelling voor dat deel.
Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard en er worden geen proceskosten toegewezen.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard omdat niet is aangetoond dat de lening volledig is besteed of afgezonderd voor onderhoud of verbetering van de eigen woning.