ECLI:NL:GHAMS:2002:AF1037
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Schreuder
- Van Wijnen-Vergeer
- Van Breukelen-Van Aarnhem
- Rechtspraak.nl
Veroordeling wegens invoer van grote hoeveelheid cocaïne via valse diplomatieke post
In deze strafzaak stond verdachte terecht voor het medeplegen van het opzettelijk binnenbrengen van circa 9.203 gram cocaïne in Nederland, verpakt in postzakken die de uiterlijke kenmerken van diplomatieke zendingen hadden, en voor deelname aan een criminele organisatie met als oogmerk het plegen van dergelijke misdrijven.
De verdediging voerde onder meer aan dat het openbaar ministerie niet-ontvankelijk moest worden verklaard wegens schending van het Verdrag van Wenen inzake diplomatiek verkeer, omdat de diplomatieke tassen onrechtmatig waren geopend zonder medewerking van Surinaamse autoriteiten. Het hof verwierp dit verweer, stellende dat de postzakken achteraf geen diplomatieke zendingen bleken te zijn en dat verdachte geen rechtens te beschermen belang had bij een eventueel onrechtmatig onderzoek.
Daarnaast werd betoogd dat bepaalde bewijsmiddelen onrechtmatig waren verkregen, waaronder gegevens uit telefoontaps en registratiesystemen van de belastingdienst. Ook dit verweer faalde, omdat de betrokken FIOD-ambtenaren een eigen opsporingstaak hadden en het delen van informatie binnen het opsporingsteam rechtmatig was.
Het hof achtte wettig en overtuigend bewezen dat verdachte samen met anderen de cocaïne invoerde en deelnam aan een criminele organisatie. Gelet op de ernst van de feiten, de hoeveelheid drugs, de eerdere veroordelingen van verdachte en de maatschappelijke impact van cocaïnehandel, legde het hof een gevangenisstraf van zes jaren op, met aftrek van voorarrest.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot zes jaar gevangenisstraf wegens medeplegen van invoer van circa 9,2 kg cocaïne via valse diplomatieke post en deelname aan een criminele organisatie.