ECLI:NL:GHAMS:2002:AF2408
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Dutmer
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep wegens termijnoverschrijding bij aanslag inkomstenbelasting 2000
Belanghebbende kreeg op 13 juli 2001 een aanslag inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen 2000 opgelegd met een belastbaar inkomen van ƒ 33.260. Tijdens de bezwaarprocedure werden enkele aftrekposten geaccepteerd, waarna het belastbaar inkomen werd verminderd tot ¦ 25.634. Belanghebbende diende op 18 april 2002 een beroepschrift in om de aftrek van levensonderhoud van een kind te verhogen, maar dit was na de wettelijke termijn van zes weken die eindigde op 5 april 2002.
De inspecteur stelde primair niet-ontvankelijkheid wegens termijnoverschrijding en subsidiair bevestiging van de aanslag. Het Hof onderzocht of een brief van 30 maart 2002, gericht aan de inspecteur, als tijdig beroepschrift kon gelden. De wetswijziging die doorzending van een beroepschrift bij een onbevoegd orgaan mogelijk maakt, was niet van toepassing omdat de aanslag vóór 1 april 2002 was bekendgemaakt.
Het Hof concludeerde dat de brief van 30 maart 2002 niet tijdig is ingediend en ook niet als tijdig doorgezonden kan worden beschouwd. Daarmee is het beroep te laat en niet-ontvankelijk verklaard. Er werden geen proceskosten aan partijen opgelegd en het griffierecht wordt teruggegeven na onherroepelijkheid.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de beroepstermijn.