ECLI:NL:GHAMS:2002:AF2769
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Van Hilten
- Beukers-Van Dooren
- Otto
- Rechtspraak.nl
Vermindering naheffingsaanslag accijns wegens vervaardiging jenever
Belanghebbende werd geconfronteerd met een naheffingsaanslag accijns vanwege het vervaardigen en voorhanden hebben van jenever zonder aangifte. De inspecteur stelde dat belanghebbende samen met anderen jenever produceerde en verkocht, maar belanghebbende ontkende feitelijke beschikkingsmacht over de accijnsgoederen te hebben gehad.
Het Hof oordeelde dat belanghebbende geen feitelijke beschikkingsmacht had over de aanwezige jenever en daarom het deel van de naheffingsaanslag dat betrekking had op voorhanden hebben van accijnsgoederen moest worden verminderd. Wel erkende het Hof dat belanghebbende door het mengen van alcohol, water en essences jenever had vervaardigd, wat een accijnsgoed is, en handhaafde daarom de naheffingsaanslag voor dat deel.
De inspecteur had de hoeveelheid vervaardigde jenever berekend op basis van ingekochte en aangetroffen flessen, wat belanghebbende betwistte, maar onvoldoende bewijs leverde om de aanslag te verminderen. Verder oordeelde het Hof dat het verminderen van naheffingsaanslagen aan anderen niet in strijd was met het gelijkheidsbeginsel of verbod op willekeur. Het beroep werd gegrond verklaard, de naheffingsaanslag verminderd en de inspecteur veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De naheffingsaanslag wordt verminderd wegens voorhanden hebben van accijnsgoederen, maar gehandhaafd voor vervaardiging; inspecteur veroordeeld in proceskosten.