ECLI:NL:GHAMS:2002:AF7663
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Dutmer
- Van der Ouderaa
- Kostense
- Rechtspraak.nl
Geen aftrek van door ouder betaalde vermogensbelasting over minderjarig kind
Belanghebbende, die het wettelijk vruchtgenot heeft over het vermogen van haar minderjarige zoon, betaalde de vermogensbelasting die haar zoon verschuldigd was. Zij vorderde deze betaling als aftrekbaar negatief inkomensbestanddeel op haar aangifte inkomstenbelasting. Het Gerechtshof Amsterdam stelde vast dat het wettelijk vruchtgenot geen zelfstandige bron van inkomen is, maar een juridische constructie waardoor bepaalde inkomsten van het kind aan de ouder worden toegerekend.
De rechtbank oordeelde dat de betaalde vermogensbelasting daarom geen aftrekbare kosten zijn, maar een inkomensbesteding die niet tot aftrek leidt. Dit oordeel werd onderbouwd met verwijzing naar relevante wetsartikelen en het karakter van het vruchtgenot. Ook het verhaalsrecht van de Wet op de vermogensbelasting doet hieraan niet af.
Belanghebbende stelde dat het vruchtgenot als zelfstandig vermogensrecht en bron van inkomen moet worden gezien, mede omdat op het aangiftebiljet rente uit het vruchtgenot wordt vermeld. De inspecteur voerde aan dat geen sprake is van aftrek, zeker niet zonder aansprakelijkstelling door het kind, en dat het onderscheid tussen wel en niet aansprakelijk stellen ongewenste situaties zou creëren.
Het Hof verklaarde het beroep ongegrond en bevestigde dat de betaling van vermogensbelasting door de ouder niet als aftrekbare kosten kan worden aangemerkt. De uitspraak werd op 3 december 2002 gedaan door het Gerechtshof Amsterdam.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende wordt ongegrond verklaard; de door haar betaalde vermogensbelasting is niet aftrekbaar.