ECLI:NL:GHAMS:2002:AQ4420
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- F.H.M. Possen
- Rechtspraak.nl
Vaststelling douanewaarde tweedehands auto bij afzien van vrijstelling
Belanghebbende heeft beroep ingesteld tegen de vaststelling van de douanewaarde van een tweedehands personenauto, waartegen een uitnodiging tot betaling van douanerechten en omzetbelasting was uitgegaan. De inspecteur had de douanewaarde vastgesteld op f 6.090,--, terwijl belanghebbende stelde dat de waarde lager moest zijn, op f 4.000,-- of f 2.500,--, mede gebaseerd op verkoopprijs en reparatierapport.
De Douanekamer van het Gerechtshof Amsterdam overwoog dat bij het bepalen van de douanewaarde volgens artikel 31 van Pro het communautair douanewetboek (CDW) in beginsel gebruik gemaakt wordt van catalogusprijzen en vakbladen, maar dat tevens rekening moet worden gehouden met de economische werkelijkheid van de individuele auto, waaronder de staat van onderhoud.
Gezien de omstandigheden achtte de Douanekamer het redelijk om ook de vraagprijs uit de advertentie, de uiteindelijke verkoopprijs en het schaderapport mee te wegen. Op basis hiervan werd de douanewaarde vastgesteld op f 4.250,--, wat leidt tot een verlaging van de verschuldigde douanerechten en omzetbelasting.
De Douanekamer wees het beroep toe, vernietigde de eerdere uitspraak en bepaalde dat de Staat der Nederlanden het reeds betaalde griffierecht aan belanghebbende moet vergoeden.
Uitkomst: De douanewaarde van de auto wordt vastgesteld op f 4.250,--, met verlaging van de aanslagen douanerechten en omzetbelasting.