ECLI:NL:GHAMS:2003:AF5232
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Dutmer
- Rechtspraak.nl
Toekenning zelfstandigenaftrek ondanks niet voldoen urencriterium door toezicht fietsenstalling
Belanghebbende exploiteert sinds 1979 een fietsenstalling onder haar woning en is daarnaast in loondienst werkzaam. Voor het jaar 1999 claimde zij zelfstandigenaftrek op basis van het urencriterium van 1.225 uur, waarbij zij stelde dagelijks toezicht te houden vanuit haar woning. De inspecteur weigerde de aftrek omdat het toezicht vanuit de woning niet als feitelijke ondernemingsuren werd beschouwd.
Het Hof bevestigt dat de uren van toezicht vanuit de woning niet meetellen als feitelijk drijven van een onderneming, mede omdat huurders zelfstandig toegang hebben en toezicht niet noodzakelijk is gedurende werktijd. Desondanks wordt de zelfstandigenaftrek toegekend op grond van het vertrouwensbeginsel, omdat belanghebbende deze aftrek in voorgaande jaren steeds is toegekend en pas in 2001 werd medegedeeld dat zij niet meer voldeed aan het urencriterium.
Het beroep wordt gegrond verklaard, de aanslag wordt verminderd tot het door belanghebbende opgegeven belastbare inkomen, en de inspecteur wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en de zelfstandigenaftrek wordt toegekend op grond van het vertrouwensbeginsel ondanks het niet voldoen aan het urencriterium.