ECLI:NL:GHAMS:2003:AF6693
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Goes
- Rechtspraak.nl
Geen aftrek van waarde opgenomen verlofuren als studiekosten in inkomstenbelasting
Belanghebbende, werkzaam bij A BV en studerend aan de Universiteit Utrecht, bracht in zijn aangifte inkomstenbelasting over 2000 de waarde van 20 opgenomen verlof- of ATV-dagen in aftrek als studiekosten. De inspecteur wees deze aftrekpost af, omdat het opnemen van verlofuren niet als uitgave in de zin van artikel 46, eerste lid, onder c, Wet IB 1964 wordt beschouwd.
Belanghebbende stelde dat het niet kunnen gelde maken van deze verlofuren een last voor hem betekende en dat de jurisprudentie achterhaald was vanwege nieuwe mogelijkheden zoals afkoop of storting in pensioenvoorziening. Tevens voerde hij aan dat de inspecteur in 1998 wel aftrek had toegestaan, wat volgens hem een schending van het vertrouwensbeginsel opleverde.
Het Hof oordeelde dat het opnemen van verlofuren geen uitgave is en dat het niet gebruiken van de mogelijkheid tot afkoop of storting geen uitgavenlast oplevert. Het beroep op het vertrouwensbeginsel faalde omdat geen toezegging was gedaan en de gedragslijn van de inspecteur in het verleden geen voldoende rechtmatig vertrouwen kon wekken.
Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en er werden geen proceskosten aan de inspecteur toegewezen. De uitspraak werd gedaan door het Gerechtshof Amsterdam op 25 maart 2003.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende op aftrek van de waarde van opgenomen verlofuren als studiekosten wordt ongegrond verklaard.