ECLI:NL:GHAMS:2003:AL3560
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Van de Merwe
- Rechtspraak.nl
Waarde bepaling van auto bij verkoop werkgever aan werknemer als loon
Belanghebbende, een organisatie die haar leden adviseert en ondersteunt, voerde beroep tegen een naheffingsaanslag loonbelasting over de verkoop van een auto door een werkgever aan een werknemer. De auto was eerder ter beschikking gesteld en werd verkocht zonder garantie en servicebeurt. De inspecteur stelde het voordeel voor de werknemer vast op het verschil tussen de laagste particuliere verkoopwaarde uit drie erkende prijslijsten en de betaalde prijs.
Het Hof oordeelde dat het voordeel als loon uit dienstbetrekking moet worden aangemerkt omdat het resultaat van de aankoop zijn grond vindt in de dienstbetrekking. De waarde van het loon wordt bepaald op de prijs die een particuliere koper zou betalen, namelijk de laagste verkoopwaarde uit de drie prijslijsten, met correcties voor het ontbreken van garantie en service.
Na afweging van de waardedrukkende factoren stelde het Hof de waarde van de auto op ƒ 22.000 en het loonvoordeel op ƒ 3.500. De naheffingsaanslag werd dienovereenkomstig verminderd. Het beroep werd gegrond verklaard en de inspecteur werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De naheffingsaanslag werd verminderd tot ƒ 1.750 en het beroep gegrond verklaard.