ECLI:NL:GHAMS:2003:AN9955
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Veldhuisen
- Van Atteveld
- Kleene-Eijk
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep wegens bezit vals reisdocument met deels voorwaardelijke gevangenisstraf
De verdachte werd in eerste aanleg veroordeeld voor het bezit van een vals Frans reisdocument op Schiphol. In hoger beroep werd het vonnis vernietigd en werd het bewezenverklaarde beperkt tot het feit dat verdachte op 16 maart 2002 een vals reisdocument bezat waarvan hij wist dat het vals was.
De verdediging voerde aan dat verdachte zijn tolk in eerste aanleg niet goed kon begrijpen, wat zou leiden tot schending van het recht op een eerlijk proces. Het hof verwierp dit verweer omdat verdachte in hoger beroep met een Arabischtolk werd gehoord en zijn verklaringen consistent waren.
Het hof overwoog dat het nieuwe, mildere beleid van het arrondissementsparket Haarlem inzake art. 231 Sr Pro, dat transactie van €350,- mogelijk maakt voor first offenders die als reiziger Schiphol verlaten met een vals reisdocument, niet van toepassing is op deze zaak. Dit omdat het feit ernstig is en het nieuwe beleid niet gepubliceerd is en slechts lokaal geldt. Daarom legde het hof een gevangenisstraf van 2 maanden op, waarvan 1 maand voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaar.
Het vals verklaarde Franse reisdocument werd onttrokken aan het verkeer. De verdachte was niet eerder strafrechtelijk veroordeeld en handelde met het oog op hereniging met zijn gezin. Het hof benadrukte het belang van het vertrouwen in ambtelijke documenten en de schade die valsheid daarin kan veroorzaken.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot 2 maanden gevangenisstraf waarvan 1 maand voorwaardelijk wegens bezit van een vals reisdocument.