ECLI:NL:GHAMS:2003:AO0282
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Van der Ouderaa
- Rechtspraak.nl
Gerechtshof oordeelt dat verbouwing zolderetage geen nieuwbouw is en vermindert belastbaar inkomen
Belanghebbende, eigenaar van een pand, liet in 1999 de zolderetage verbouwen tot zelfstandige woonruimte. Het geschil betrof de aftrekbaarheid van de verbouwingskosten van fl. 74.768 voor de inkomstenbelasting 1999. De inspecteur had de aanslag verhoogd en de aftrek geweigerd omdat de kosten niet als onderhoudskosten konden worden aangemerkt.
Het Hof stelde vast dat de verbouwing weliswaar de indeling en het gebruik van de zolderetage wijzigde, maar dat de omtrekken en het dak als zodanig bleven bestaan. Daarom was er geen sprake van een zodanig radicale verbouwing dat er in bouwkundig opzicht nieuwbouw had plaatsgevonden. De kosten konden dus niet als onderhoudskosten worden aangemerkt, omdat onderhoud betrekking heeft op het herstel van de oorspronkelijke staat.
De inspecteur stelde subsidiair dat de kosten als verbetering moesten worden aangemerkt en dat reeds in aftrek aanvaarde kosten betrekking hadden op achterstallig onderhoud. Het Hof volgde dit standpunt en oordeelde dat belanghebbende onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat de kosten betrekking hadden op onderhoudswerkzaamheden. Het beroep werd gegrond verklaard voor zover de aanslag werd verminderd tot een belastbaar inkomen van fl. 129.280. Een veroordeling in proceskosten werd achterwege gelaten.
Uitkomst: Het Gerechtshof vermindert de aanslag tot een belastbaar inkomen van fl. 129.280 omdat de verbouwing geen nieuwbouw was en de kosten niet als onderhoud konden worden aangemerkt.