ECLI:NL:GHAMS:2003:AO8604
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Hermans
- Driessen-Poortvliet
- Broekhuijsen
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen ondertoezichtstelling en uithuisplaatsing minderjarige wegens vermeende grensoverschrijdingen
De minderjarige dochter woont sinds oktober 2001 bij een bevriend echtpaar vanwege conflicten met haar ouders. Ouders vermoeden op basis van een e-mail een ongezonde relatie tussen de minderjarige en de man van het bevriende echtpaar, waarna Bureau Jeugdzorg en de Raad voor de Kinderbescherming betrokken raken. De rechtbank stelt de minderjarige onder toezicht en verleent machtiging tot uithuisplaatsing.
De bijzonder curator gaat in hoger beroep en verzoekt vernietiging van deze beschikkingen en plaatsing bij het bevriende echtpaar. Het hof overweegt dat niet is voldaan aan de wettelijke criteria voor ondertoezichtstelling, gezien de minderjarige als intelligent en zelfstandig wordt beoordeeld, zonder aanwijzingen van bedreiging van haar zedelijke of geestelijke belangen.
Het hof wijst erop dat de gedragingen van de man van het bevriende echtpaar hem als opvoeder diskwalificeren, waardoor terugkeer naar dat gezin niet wordt aanbevolen. De ondertoezichtstelling en machtiging tot uithuisplaatsing worden vernietigd en de verzoeken afgewezen, waarbij het belang van de minderjarige centraal staat.
Uitkomst: Het hof vernietigt de ondertoezichtstelling en machtiging tot uithuisplaatsing en wijst de verzoeken af wegens ontbreken van wettelijke gronden.