ECLI:NL:GHAMS:2003:AR5521
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Van Zandwijk-Hillebrands
- Wigleven
- Driessen-Poortvliet
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vonnis over verdeling gemeenschap van winst en verlies na echtscheiding
Appellant is in hoger beroep gekomen tegen het vonnis van de rechtbank Utrecht inzake de verdeling van de gemeenschap van winst en verlies na zijn echtscheiding met geïntimeerde 1. De kern van het geschil betreft de vraag of op 7 november 2000 een bindende overeenkomst tot stand is gekomen tijdens mediation.
Het hof stelt vast dat partijen tijdens mediation twee gesprekken hebben gevoerd, waarbij een inventarisatie van vermogensbestanddelen en verdeling is ondertekend door partijen en hun advocaten. Ondanks bezwaren van appellant, oordeelt het hof dat deze schriftelijke overeenkomst bindend is conform de mediationovereenkomst.
Appellant voerde onder meer dwaling en misbruik van omstandigheden aan, maar het hof wijst deze grieven af, mede omdat appellant rechtskundige bijstand had en vertrouwelijk overleg met zijn advocaat mogelijk was. De rechtbank heeft ook terecht geen misbruik van omstandigheden vastgesteld.
De overige grieven falen of missen belang, waaronder de volmachtverlening en uitvoerbaarheid bij voorraad. Het hof bekrachtigt het vonnis van de rechtbank en bepaalt dat elke partij haar eigen proceskosten draagt.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis van de rechtbank en verklaart de mediationovereenkomst bindend.