ECLI:NL:GHAMS:2004:AO9826
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Splint
- Voncken
- Perfors
- Rechtspraak.nl
Toewijzing huurrecht voormalige echtelijke woning na echtscheiding zonder vergoeding
Na ontbinding van het huwelijk tussen partijen is geschil ontstaan over wie huurder zal zijn van de voormalige echtelijke woning. De man verzocht het hof om hem als huurder aan te wijzen of subsidiair om een vergoeding van de vrouw voor renovatiewerkzaamheden en de vermogenswaarde van het huurrecht toe te kennen.
Het hof stelde vast dat zowel man als vrouw een gerechtvaardigd belang hadden om huurder te blijven, maar dat de vrouw economisch aan de woonplaats gebonden is en de man niet. De man kon onvoldoende onderbouwen dat zijn aandeel in de renovatie groter was dan dat van de vrouw. Ook werd geoordeeld dat aan het huurrecht geen in rechte te waarderen vermogenswaarde kan worden toegekend.
Daarom werd het verzoek van de man afgewezen en de beschikking van de rechtbank bekrachtigd dat de vrouw huurder blijft van de woning. Tevens werd het verzoek van de man tot een vergoeding wegens renovatiewerkzaamheden afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing.
Uitkomst: De vrouw wordt huurder van de voormalige echtelijke woning en de verzoeken van de man tot vergoeding worden afgewezen.