ECLI:NL:GHAMS:2004:AQ2602
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- F.H.M. Possen
- J.J.A.M. Kennis
- E.N. Punt
- Rechtspraak.nl
Beoordeling tarieftoepassing douanerechten op mengsel van rijstproducten
Belanghebbende heeft rijst ingevoerd die bestond uit een mengsel van gebroken en hele rijstkorrels. De douane heeft monsters genomen en een laboratoriumonderzoek uitgevoerd, waaruit bleek dat het gehalte aan breukrijst tussen 50 en 90 procent lag. Op grond van de aanvullende aantekening (EG) 2, onderdeel b, op hoofdstuk 10 van het Gemeenschappelijk douanetarief, is het douanerecht van toepassing dat leidt tot het hoogste bedrag aan douanerechten.
Belanghebbende voerde aan dat de partij als breukrijst moest worden ingedeeld en dat de wijze van monsterneming niet correct was omdat zij niet vooraf toestemming had gegeven om aanwezig te zijn. De Douanekamer oordeelde dat de monsterneming correct was verlopen en dat belanghebbende geen bezwaar had gemaakt tegen de wijze van monsterneming. De uitslagen van het laboratoriumonderzoek mochten als grondslag voor de heffing worden gebruikt.
De Douanekamer stelde vast dat het mengsel niet voor ten minste 90 procent uit een bestanddeel bestond, waardoor het hoogste tarief van toepassing is. De grief dat de toepassing van de aanvullende aantekening onredelijk zou zijn, werd verworpen omdat de rechter niet over de redelijkheid van wettelijke bepalingen oordeelt. Het beroep werd ongegrond verklaard en de proceskosten werden niet aan een partij toegewezen.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en het hogere tarief voor volwitte langkorrelige rijst wordt terecht toegepast.