ECLI:NL:GHAMS:2004:AR2379
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- F.H.M. Possen
- H.J. Bokhorst
- K. Kooijman
- Rechtspraak.nl
Herziening aangifte extern communautair douanevervoer wegens vermeend tekort tapijt
Belanghebbende, een besloten vennootschap, deed aangifte voor extern communautair douanevervoer van 13 balen tapijt. Bij lossing in het entrepot constateerde de toegelaten geadresseerde een tekort van 11 balen. De inspecteur stelde daarop een aanslagbiljet op wegens gedeeltelijke niet-zuivering. Belanghebbende betwistte dit en stelde dat de 11 balen tapijt daadwerkelijk met een andere container waren vervoerd en niet in het vrije verkeer waren gebracht zonder betaling van rechten.
De Douanekamer onderzocht de aangeleverde documenten, waaronder het document T1 en correspondentie van de vervoerder, waaruit bleek dat de 11 balen tapijt later met een andere container waren verzonden. Hierdoor was er feitelijk geen vermis. De inspecteur had de regeling van artikel 78 CDW Pro niet toegepast omdat het voorafgaande document geen Generale Verklaring was, maar de Douanekamer oordeelde dat de inspecteur alsnog de aangifte moest herzien op grond van artikel 78 CDW Pro.
De Douanekamer verklaarde het beroep gegrond, vernietigde de eerdere uitspraak en bepaalde dat de inspecteur een nieuwe beslissing moet nemen met inachtneming van deze uitspraak. Tevens werd de inspecteur veroordeeld in de proceskosten en werd het griffierecht aan belanghebbende vergoed. De uitspraak werd op 8 september 2004 in het openbaar gedaan.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende wordt gegrond verklaard en de inspecteur wordt opgedragen de aangifte te herzien.