ECLI:NL:GHAMS:2004:AR5956
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Goes
- Rechtspraak.nl
Ongegrond verklaard beroep tegen naheffingsaanslagen parkeerbelasting wegens ontbreken geldig parkeerbewijs
Belanghebbende parkeerde op vier data in juni en juli 2003 een auto zonder dat een geldig parkeerbewijs zichtbaar was, waarop naheffingsaanslagen parkeerbelasting werden opgelegd. Belanghebbende was gedurende een deel van deze periode gedetineerd en ontving de aanmaningen pas na vrijlating. Hij diende het bezwaar tegen de aanslagen na de wettelijke termijn in, maar verweerder verklaarde het bezwaar ontvankelijk omdat belanghebbende pas door de aanmaningen kennis nam van de aanslagen.
Het hof oordeelde dat de oorspronkelijke aanslagbiljetten waarschijnlijk nooit bij belanghebbende waren aangekomen en dat het bezwaar daarom niet als te laat kon worden beschouwd. Tevens werd vastgesteld dat belanghebbende gedurende zijn detentie een zaakwaarnemer had die de post opende en rekeningen betaalde, maar niet geacht kon worden bezwaar te maken tegen de naheffingsaanslagen.
Materieel was vastgesteld dat belanghebbende geen geldig parkeerbewijs had omdat de parkeervergunning pas na de parkeerdata was betaald en niet zichtbaar in de auto lag. Volgens de geldende verordening is in dat geval de A-belasting verschuldigd. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en proceskosten werden niet toegewezen omdat geen bijzondere omstandigheden aanwezig waren.
Uitkomst: Het beroep tegen de naheffingsaanslagen parkeerbelasting werd ongegrond verklaard omdat geen geldig parkeerbewijs aanwezig was tijdens parkeren.