ECLI:NL:GHAMS:2005:AT4478
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- J.P.F. Slijpen
- Rechtspraak.nl
Aftrekbaarheid kosten thuiszorg als buitengewone uitgaven bij opname in AWBZ-instelling
Belanghebbende, lijdend aan de ziekte van Alzheimer, woonde tot 6 juli 2001 zelfstandig en maakte gebruik van particuliere thuiszorg. Na opname in een AWBZ-instelling werd naast de verpleeghuiszorg extra thuiszorg ingehuurd. Het geschil betrof de vraag of de kosten van deze extra thuiszorg aftrekbaar zijn als buitengewone uitgaven.
Het Hof stelde vast dat de thuiszorgmedewerksters werkzaamheden verrichtten die kwalificeren als extra gezinshulp in de zin van de Wet inkomstenbelasting 2001. De inspecteur voerde aan dat medische noodzaak niet was vastgesteld door een arts en dat de zorg van het verpleeghuis voldoende zou zijn, maar het Hof achtte het aannemelijk dat de uitgaven verband hielden met de ziekte van belanghebbende.
Ook het argument van de inspecteur dat aftrek alleen mogelijk is indien de belastingplichtige langer zelfstandig woont, werd verworpen. De vermogenspositie van belanghebbende en het ontbreken van familiehulp deden niet af aan de aftrekbaarheid. Het beroep werd gegrond verklaard, de aanslag verminderd en de inspecteur veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De kosten van extra thuiszorg zijn aftrekbaar als buitengewone uitgaven ondanks opname in een AWBZ-instelling.