ECLI:NL:GHAMS:2005:AT8787
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Scholten
- Den Ottolander
- Van Asperen de Boer-Delescen
- Rechtspraak.nl
Veroordeling medeplegen oplichting door valselijk opmaken van nota's en steekpenningen in Ceteco-affaire
De vennootschap onder firma handelde onder leiding van verdachte samen met een ambtenaar van de provincie Zuid-Holland en maakte stelselmatig valse nota's op waarin bemiddelingskosten werden vermeld terwijl feitelijk advies werd gegeven. Verdachte stuurde deze nota's naar de ambtenaar, waardoor de provincie tot betaling werd bewogen. Tevens werd een valse geldleningsovereenkomst opgesteld om steekpenningen te verbergen.
De rechtbank sprak verdachte deels vrij, maar het hof vernietigde dit vonnis en veroordeelde verdachte voor medeplegen van oplichting. De Hoge Raad verwees de zaak terug naar het hof Amsterdam voor hernieuwde berechting van een onderdeel van de tenlastelegging en strafoplegging.
Het hof achtte wettig en overtuigend bewezen dat verdachte leiding gaf aan het oplichten van de provincie Zuid-Holland door listige kunstgrepen en veroordeelde hem tot een voorwaardelijke gevangenisstraf van 9 maanden met een proeftijd van 2 jaar. Het hof hield rekening met de verstreken tijd, de gevolgen voor verdachte en een vaststellingsovereenkomst met de provincie.
De straf is gebaseerd op artikelen 14a, 14b, 14c, 47, 57 en 326 van het Wetboek van Strafrecht. De opgelegde straf is een werkstraf en een voorwaardelijke gevangenisstraf vanwege de ernst van de feiten en de persoonlijke omstandigheden van verdachte.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot een voorwaardelijke gevangenisstraf van 9 maanden met een proeftijd van 2 jaar wegens medeplegen van oplichting.