ECLI:NL:GHAMS:2006:AV1073
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Belastingrechtelijke beoordeling van kunstverzamelaar als ondernemer en aftrekbaarheid schenking
Belanghebbende, een notaris en gepassioneerd kunstverzamelaar, voerde regelmatig aan- en verkopen van kunst uit met als doel zijn collectie te consolideren en verbeteren. De inspecteur stelde dat belanghebbende als ondernemer moest worden aangemerkt, wat het Hof verwierp wegens onvoldoende bewijs van deelname aan het economische verkeer met winstbejag.
De inspecteur had navorderingsaanslagen opgelegd en een boete opgelegd, die belanghebbende betwistte. Het Hof oordeelde dat de inspecteur niet aan zijn bewijslast had voldaan en dat belanghebbende voldoende informatie had verstrekt ondanks het ontbreken van een volledige administratie.
De constructie waarbij belanghebbende een deel van zijn collectie in termijnen verkocht aan een algemeen nut beogende stichting, werd als schenking met een lijfrentekarakter beoordeeld. Het Hof vond de overeengekomen verkoopprijs niet onaannemelijk hoog en bevestigde de aftrekbaarheid van de betalingen.
Het beroep werd gegrond verklaard, de navorderingsaanslag en boete vernietigd, de aanslagen voor 1998 en 1999 verminderd tot nihil, en de verliezen voor die jaren vastgesteld conform de aangiften. Tevens werden proceskosten aan belanghebbende toegekend.
Uitkomst: Navorderingsaanslag en boete vernietigd; aanslagen 1998 en 1999 verminderd tot nihil; verliezen vastgesteld conform aangiften; inspecteur veroordeeld in proceskosten.