ECLI:NL:GHAMS:2006:AV7335
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- E.F. Faase
- J. den Boer
- C. Schaap
- Rechtspraak.nl
Beoordeling aftrek rentekosten en valutaverlies bij buitenlandse deelneming in het licht van EU-recht en internationale verdragen
Belanghebbende, een Nederlandse vennootschap, had rentekosten en valutaverlies verantwoord in verband met leningen ter financiering van een deelneming in een Chileense houdstervennootschap via een dochter op de Kaaiman Eilanden. De inspecteur weigerde deze kosten in aftrek te nemen op grond van artikel 13 lid 1 Wet Pro op de vennootschapsbelasting 1969, in verbinding met de standstillbepaling van artikel 57 lid 1 EG Pro.
Belanghebbende stelde dat dit aftrekverbod in strijd was met het vrije kapitaalverkeer zoals gewaarborgd in artikel 56 EG Pro en met het non-discriminatiebeginsel uit internationale verdragen. Het Hof overwoog dat de deelnemingsvrijstelling en de nieuwe valutaregeling sinds 1997 als een op 31 december 1993 bestaande regeling kunnen worden beschouwd en onder de standstillbepaling vallen.
Het Hof oordeelde dat het verbod op aftrek van rentekosten en valutaverlies niet onrechtmatig is en niet in strijd met het vrije kapitaalverkeer of discriminatieverboden uit het IVBPR en EVRM. Ook de nieuwe valutaregeling is in overeenstemming met artikel 58 EG Pro en vormt geen willekeurige discriminatie. De beroepen werden ongegrond verklaard en proceskosten werden niet toegewezen.
Uitkomst: De beroepen van belanghebbende tegen de weigering van aftrek van rentekosten en valutaverlies worden ongegrond verklaard.