ECLI:NL:GHAMS:2006:AZ0925
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- J.J. van den Berg
- H.W. Koksma
- C.G. Nunnikhoven
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens ontbreken sterke drank bij verstrekking aan minderjarige
Op 20 november 2004 werd verdachte ten laste gelegd van het verstrekken van sterke drank aan een persoon onder de 18 jaar in een horecagelegenheid te [plaats]. De mixdrank bestond uit 7-up gemengd met Pisang Ambon, waarvan de Pisang Ambon een alcoholpercentage van 20% heeft.
Namens verdachte werd aangevoerd dat de mixdrank met de nodige zorgvuldigheid was bereid, waardoor het uiteindelijke alcoholpercentage onder de 15% lag, en dat een dergelijke post-mix vergelijkbaar is met een pre-mix product dat vrij verkrijgbaar is. Het hof heeft vastgesteld dat op het moment van verstrekking de drank niet voldeed aan de definitie van sterke drank zoals bedoeld in artikel 20, tweede lid, van de Drank- en Horecawet.
Het hof overwoog dat de wetgever het verstrekken van sterke drank aan jongeren wil ontmoedigen, maar dat de regelgeving niet specifiek is toegespitst op post-mixdranken. Het hof achtte het niet aan de rechter om de wet aan te passen en sprak verdachte vrij omdat het bewijs ontbrak dat sterke drank was verstrekt. Het vonnis van de politierechter werd vernietigd en de zaak werd opnieuw beoordeeld, leidend tot vrijspraak.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken omdat de verstrekte mixdrank niet voldeed aan de wettelijke definitie van sterke drank.