ECLI:NL:GHAMS:2006:AZ2610
Gerechtshof Amsterdam
- Versnelde behandeling
- M. Coeterier
- N. van Lingen
- E.E. van Tuyll van Serooskerken-Röell
- Rechtspraak.nl
Uitleg deeltijdregeling voor ouderen bij verhoging pensioengerechtigde leeftijd in CAO
In deze zaak stond de uitleg van artikel 7A.2 van de Algemene Regeling (AR) bij Corus centraal, waarin een deeltijdregeling voor oudere werknemers was opgenomen. De Bonden stelden dat deze regeling, oorspronkelijk gekoppeld aan een pensioenleeftijd van 62 jaar, moest worden verlengd met het aantal jaren dat de pensioenleeftijd werd verhoogd naar 65 jaar. Corus betwistte dit en hield vast aan een maximale toepassing van twee jaar.
Het hof volgde Corus en oordeelde dat artikel 7A.2 AR in samenhang met artikel 3.3.1 sub h gelezen moet worden, waarin het dienstverband eindigt bij 62 jaar. De regeling biedt werknemers de mogelijkheid om gedurende de twee jaar voorafgaand aan het einde van het dienstverband deeltijd te werken met behoud van volledig salaris. De Bonden konden niet aantonen dat er afspraken waren gemaakt die de regeling verlengden na verhoging van de pensioenleeftijd.
Het hof wees de grieven van de Bonden af en bekrachtigde het vonnis van de kantonrechter. De Bonden werden veroordeeld in de kosten van het geding in hoger beroep. De uitspraak bevestigt dat de deeltijdregeling niet automatisch wordt verlengd bij een hogere pensioenleeftijd zonder expliciete afspraken.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis van de kantonrechter en wijst de vordering van de Bonden tot verlenging van de deeltijdregeling af.