ECLI:NL:GHAMS:2007:AZ5876
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- J.P.A. Boersma
- D.B. Bijl
- M.E. van Hilten
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep inzake naheffingsaanslag en boete omzetbelasting bij verhuur en overdracht roerende goederen
Belanghebbende, een BV actief in leasing en verhuur van roerende zaken, had een financieringsovereenkomst en huurovereenkomst gesloten met de gemeente voor minicontainers en een inzamelwagen. In 2004 stelde de inspecteur een boekenonderzoek vast waarbij omzetbelasting niet volledig was voldaan, met name door het niet aangeven van omzetbelasting over de overdracht van goederen en het buiten beschouwing laten van de rentecomponent in huurtermijnen.
De rechtbank oordeelde dat artikel 31 Wet Pro OB niet van toepassing was op de overdracht en legde een boete van 25% op voor het niet voldoen van omzetbelasting over de rentecomponent. De rechtbank vernietigde een boete over de overdracht wegens een pleitbaar standpunt van belanghebbende.
Het Hof bevestigt dat artikel 31 Wet Pro OB niet van toepassing is omdat geen sprake is van overdracht van een algemeenheid van goederen. Het Hof vernietigt de boete over de overdracht omdat belanghebbende niet lichtvaardig handelde gezien de stand van de wetgeving in 2002. Het Hof oordeelt echter dat het buiten de berekening laten van de rentecomponent opzettelijk was, en bevestigt de boete van 50% voor deze onjuiste aangifte.
Het Hof vernietigt de uitspraak van de rechtbank voor zover deze de boete betreft, verlaagt de boete tot € 94.022 en veroordeelt de inspecteur in proceskosten. De uitspraak is gedaan door drie rechters van de belastingkamer op 8 januari 2007.
Uitkomst: Boete van 50% bevestigd voor niet voldoen omzetbelasting over rentecomponent, boete over overdracht vernietigd.