ECLI:NL:GHAMS:2007:BA6615
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- J.P.A. Boersma
- D.B. Bijl
- E.M. Vrouwenvelder
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen oplegging verzuimboete wegens niet tijdig doen van belastingaangifte
Belanghebbende heeft de aangifte inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen over 2001 niet binnen de door de inspecteur gestelde termijn ingediend, ondanks meerdere aanmaningen en waarschuwingen. De inspecteur legde daarom een verzuimboete van ƒ 2.500 op. De rechtbank had deze boete vernietigd, stellende dat niet was aangetoond dat belanghebbende niet tijdig had ingediend.
In hoger beroep oordeelt het hof dat belanghebbende de aangifte niet binnen de gestelde termijn heeft gedaan, ook niet na het uitreiken van een vervangend aangiftebiljet in guldens. Het hof stelt dat de inspecteur voldoende aannemelijk heeft gemaakt dat er sprake is van een verzuim op grond van artikel 67a van de Algemene wet inzake rijksbelastingen (Awr).
Het hof wijst het beroep van belanghebbende af en bevestigt de verzuimboete van ƒ 2.500, passend gezien het vijfde verzuim. Er is geen sprake van een rechtens te honoreren vertrouwen dat de boete niet zou worden opgelegd. Het hof vernietigt het vonnis van de rechtbank en verklaart het beroep ongegrond.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de verzuimboete van ƒ 2.500 blijft gehandhaafd.