ECLI:NL:GHAMS:2007:BC2258
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- D.B. Bijl
- M.E. van Hilten
- J.W. Zwemmer
- Rechtspraak.nl
Bevestiging van afwijzing aftrek volledige eigenwoningschuld bij financiering verbouwing woning
Belanghebbende heeft in de periode 1998 tot en met 2003 aanzienlijke uitgaven gedaan voor de aankoop, verbouwing en onderhoud van zijn eigen woning, gefinancierd met diverse hypothecaire leningen en kredieten. In 2003 sloot hij een nieuwe hypotheek af waarmee eerdere leningen werden afgelost, en stelde hij dat deze lening de gehele eigenwoningschuld vertegenwoordigde.
De inspecteur stelde de eigenwoningschuld echter lager vast, omdat belanghebbende niet aannemelijk had gemaakt dat hij bij het doen van de uitgaven reeds het oogmerk had deze te financieren door middel van een lening. Het hof oordeelde dat het tijdsverloop tussen uitgaven en lening, en de verklaring van belanghebbende over rentevoorwaarden, dit vermoeden onvoldoende onderbouwden.
De rechtbank had het beroep van belanghebbende ongegrond verklaard, en het hof bevestigde deze uitspraak. De aftrek van hypotheekrente en kosten van geldleningen werd daarom beperkt tot het door de inspecteur vastgestelde bedrag. Het hof wees ook proceskostenveroordeling af en liet de mogelijkheid tot cassatie open.
Uitkomst: Het hof bevestigt dat de eigenwoningschuld is vastgesteld op € 254.259 en wijst het hoger beroep af.