ECLI:NL:GHAMS:2008:BE9680
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep kort geding
- P. Ingelse
- N. van Lingen
- E.E. van Tuyll van Serooskerken-Röell
- Rechtspraak.nl
Ontbreken spoedeisend belang bij ontruiming huurwoning in kort geding
In deze zaak vordert de verhuurster namens de eigenaar de ontruiming van een huurwoning, stellende dat de huurder sinds 2002 niet langer zijn hoofdverblijf in de woning heeft en de woning zonder recht of titel houdt. De voorzieningenrechter wees de vordering toe, maar de huurder ging in hoger beroep.
Het hof stelt vast dat de verhuurster onvoldoende heeft toegelicht dat er een spoedeisend belang bestaat bij ontruiming. Het feit dat zij zich bedrogen voelt, dat in kort geding minder strenge bewijsregels gelden dan in een bodemprocedure, en dat er leegstand is, is onvoldoende. De huurder voldoet bovendien de huurpenningen en verricht verbouwingswerkzaamheden.
Daarnaast is onduidelijk of de huurder zijn hoofdverblijf daadwerkelijk heeft verplaatst naar andere appartementen, of dat hij de woning nog steeds als hoofdverblijf gebruikt. De verklaringen en het onderzoeksrapport bieden onvoldoende zekerheid, zodat nader onderzoek in een bodemprocedure nodig is.
Het hof vernietigt daarom het vonnis van de voorzieningenrechter en wijst de ontruimingsvordering af. De verhuurster wordt veroordeeld in de kosten van het geding in beide instanties.
Uitkomst: Het hof wijst de ontruimingsvordering af wegens ontbreken van spoedeisend belang en onvoldoende bewijs over hoofdverblijf huurder.